Hygiëne en veiligheid

Natuurgerichte en complementaire artsen en therapeuten komen in direct lichamelijk contact met veel cliënten/patiënten.

Patiënten die door therapeuten behandeld worden, zijn ten aanzien van het besmettingsrisico onder te verdelen in:
A. Patiënten met intacte huid die in het algemeen komen voor massage, magnetiseren, warmtebehandelingen, pakkingen, acupunctuur, elektroacupunctuur, moxeren, etc.; zij lijden niet aan een besmettelijke ziekte.
B. Patiënten met een niet intacte huidbijvoorbeeld met wonden, eczeem (nattend) of andere ulcera.Hier is sprake van groter risico op (kruis) besmetting.
C. Patiënten met een duidelijke verlaagde weerstand, bijvoorbeeld als gevolg van inmunosuppresie, antibiotica, bestraling of chemotherapie.

A. Patiënten met intacte huid
Gezien het beperkte besmettingsrisico zijn algemene preventieve maatregelen voldoende bij de behandeling van patiënten uit categorie A. Deze maatregelen bestaan uit:
1. De therapeuten dienen werkkleding te dragen die tenminste dagelijks wordt verschoond (moet tenminste op 60°C gewassen worden). Tijdens het werk mogen sieraden, polshorloges en dergelijke niet gedragen worden. Bij huidlesies van de therapeut liefst disposable handschoenen dragen bij direct huidcontact met de patiënt.
2. Handenreiniging na iedere behandeling. In plaats van wassen met water en zeep, kunnen de handen ook met een handalcohol gedesinfecteerd worden. Zichtbaar verontreinigde handen moeten altijd met water en zeep gereinigd worden.
3. Indien contact met bloed of andere bloedbevattende lichaamsvochten onvermijdelijk is, dienen handschoenen gedragen te worden. Indien spetteren of morsen met bloed (bloedig Schröpfen) verwacht wordt, dient tevens van een overschort of plastic voorschort gebruikt te worden gemaakt.
4. Met bloed of andere bloedbevattende lichaamsvochten besmette hulpmiddelen en instrumenten dienen zo spoedig mogelijk gereinigd en gedesinfecteerd te worden.

B. Patiënten met een niet intacte huid.
Bij patiënten met een niet intacte huid (categorie B) is gevaar op (kruis)besmetting aanwezig. Naast bovenstaande maatregelen zijn de volgende extra voorschriften van toepassing:
1. De patiënt wordt zoveel mogelijk aan het eind van het programma behandeld. Dan heeft u voldoende tijd de algemene en additionele maatregelen naar behoren toe te passen.
2. Daar het hier om lichaamsvochten gaat, is het dragen van handschoenen noodzakelijk, ook bij verwijderen van verbanden.

C. Patiënten met een duidelijk verlaagde weerstand.
De patiënt met verminderde weerstand (categorie C) zo goed mogelijk beschermen tegen de flora van de therapeut. In het algemeen houden de maatregelen in:
1. De handen voor contact met de patiënt desinfecteren met een handalcohol.
2. Schone kleding aantrekken.
3. Disposable handschoenen dragen tijdens de behandeling.
4. Instrumenten en hulpmiddelen voor gebruik bij de patiënt desinfecteren.
Immuunstatus therapeut.
Gezien de frequentie van direct contact met patiënten is het wenselijk als therapeut zelf op de hoogte is van zijn immuunstatus. Therapeuten met een infectie dienen zich af te vragenof ze de werkzaamheden wel kunnen voortzetten. De verantwoordelijkheid ligt bij de therapeut.

Reiniging en desinfectie.
Indien materialen worden gebruikt voor patiënten met een verminderde weerstand is desinfectie voor gebruik noodzakelijk. Indien materialen bij een besmettelijke patiënt zijn gebruikt is desinfectie na gebruik noodzakelijk. Voor het overige gelden onderstaande maatregelen:Pakkingen: na gebruik huishoudelijk reinigen; Elektroacupunctuur: na gebruik desinfecteren met alcohol 70%. Behandel- of massagetafel: voor iedere patiënt met een papierlaag of schoon laken afdekken. Tenminste 1x per week huishoudelijk reinigen, zonodig op indicatie desinfecteren en evenzo reinigen bij zichtbare vervuiling.Massageolie: op gewassen handen uitgieten. Vermijd contact bestaan met de flessenhals . Vermijding van contact is nodig ter voorkoming van introductie van micro-organismen in de vloeistof. Navullen van lege flessen is niet toegestaan.

Instrumentarium.
Waar mogelijk dient instrumentarium waarmee invasieve handelingen worden verricht te worden gesteriliseerd. De volgende maatregelen zijn noodzakelijk:Baunscheidtnaaldkoppensteriliseren of disposable Baunscheidtnaaldenkoppen gebruiken.Acupunctuurnaalden: steriliseren of disposable acupunctuurnaalden gebruiken.Lancetten: altijd disposable lancetten gebruiken en weggooien in een naaldencontainer.Pincetten: steriliseren.Massagenaalden: desinfecteren met alcohol 70%.Puntzoeker acupunctuur, druktasters, Hamer-Probe; desinfecteren met alcohol 70%.Ooracupunctuurhamertje: wanneer het materiaal het toelaat steriliseren, anders desinfecteren met alcohol 70%.

Hulpmiddelen.
Hulpmiddelen dienen waar mogelijk huishoudelijk gereinigd en daarna gedesinfecteerd te worden. Gevoelige hulpmiddelen desinfecteren met alcohol 70%.
De volgende maatregelen dienen te worden genomen:Stethoscoop en reflexhamer: na gebruik desinfecteren met alcohol 70%.Schröpfglazen, huishoudelijk reinigen en voor gebruik desinfecteren met alcohol 70%.Irismicroscoop: de kin- en de hoofdsteun na gebruik huishoudelijk reinigen of desinfecteren met alcohol 70%.Vloer van de praktijkruimte.
De vloeren in de praktijkruimte dienen stofvrij gehouden te worden. Gemorste vloeistoffen direct verwijderen. Indien dit een lichaamsvloeistof van de patiënt betreft, zal desinfectie moeten plaatsvinden.

Voorwerpen en meubilair.Reiniging van voorwerpen en meubilair dient afgestemd te zijn op de frequentie van gebruik, mate van vervuiling en de aard van het materiaal. Vanzelfsprekend dient reiniging plaats te vinden wanneer mogelijk besmet materiaal, zoals bloed en excreta met zichtbare bijmenging, gemorst is. Voorwerpen en meubilair dienen bestand te zijn tegen de te gebruiken reinigingsmiddelen en desinfectantia.

Inrichting van de praktijkruimte.
De praktijkruimte waar patiënten worden ontvangen dient opgeruimd en schoon te zijn. De ruimte dient regelmatig, één en ander afhankelijk van het bezoekersaantal, goed gereinigd worden.
Therapeuten die invasieve handelingen verrichten, dienen de praktijk zo uit te rusten dat de ruimte gemakkelijk en goed schoongemaakt kan worden.
Enkele tips: Muren: duurzaam materiaal, behoeft in principe niet schoongemaakt te worden.Vloer: afneembaar materiaal, stofvrij houden.Behandeltafel: liefst afgedekt met nat af te nemen materiaal en anders gebruik maken van een hoeslaken en bij iedere patiënt gebruik maken van nieuw stuk papierrol. Wastafel: in elke behandelruimte een wastafel met koud en warm water.Handdoeken: kies voor een handdoekendispencer of eenmalig gebruik.Wasmand; doe gebruikte handdoekjes direct in een dichte wasmand.Zeep: maak gebruik van vloeibare handzeep, nooit een stuk zeep. Handendesinfectans: zet een flacon of dispencer in de behandelruimte.

bron: Landelijke Werkgroep Infectie Preventie
Auteur Ann Jurriëns-Velthorst

Reacties kunnen niet achtergelaten worden op dit moment.